Column | Anton van Hooff

Anton van hooff - foto column

 


Het is dit jaar honderd jaar gelden het Romeinse keizerschap ten einde kwam. In de overvloed aan herdenkingen aan de Eerste Wereldoorlog en revoluties dit najaar, sneeuwt dat eenvoudig onder. Anton van Hooff zet het allemaal nog even op een rij.

 

 

Drie vorsten die pretendeerden opvolgers te zijn van keizer Augustus kwamen aan hun einde. Voor Tsaar (= Caesar) Nicolaas II was dat een gewelddadig levenseinde in een kelder in Jekaterinenburg. Daarmee werd definitief het keizerschap opgeruimd dat Ivan de Verschrikkelijke (of Formbidabele) in 1547 had overgenomen van de Byzantijnse keizer. Die op zijn beurt de vorst was van het Oost-Romeinse deel van het rijk dat in 395 na de dood van Theodosius de Grote voorgoed gesplitst werd.

 

In november 1918 dankten zowel de Duitsers als de Oostenrijkers hun keizer af. Het keizerschap van Oostenrijk was de troostprijs die de Habsburgers in 1804 van Napoleon kregen voor het verlies van het Duitse keizerschap. Dat ging terug op de middeleeuwse Ottonen, keizers van het Heilige Roomse (=Romeinse) Rijk van de Duitse Natie en Karel de Grote. Die laatste werd in 800 keizer van het westen en ‘renoveerde’ zo daar het Romeinse rijk, dat met het afzetten van Romulus Augustulus in 476 was beëindigd. Het keizerschap waarmee Wilhelm I in 1871 werd bekleed was bedoeld als een renovatio van het Ottoonse keizerschap.


De negentiende eeuw zag een proliferatie van kortstondige keizerschappen. In de eerste plaats dat van de empereurs Napoleon I en III. Brazilië had een imperador van 1822 tot 1889 en Mexico werd zelfs twee keer door een emperador geregeerd: Augustin I (1822/1823) en Maximiliaan I (1864 tot 1867). Natuurlijk waren dit slechts in naam keizers, net als die van China, Japan en Ethiopíë. Zij werden als keizer aangeduid omdat ‘koning’ te gewoontjes was. Zo heeft in Den Haag de Haringkeizer een hogere waardigheid dan zijn familielid de Haringkoning.


Een echte keizer herleidt zijn waardigheid tot Julius Caesar. Zijn nevennaam ‘Caesar’, uitgesproken als kaisar, werd als titel gebruikt door de vorsten die na Nero, het laatste lid van Caesars familie, de heerschappij over het Romeinse Rijk uitoefenden.
Op 14 november zal ik bij de herdenking van Troelstra’s coup in het Academisch Cultureel Centrum aan het Spui 25 in Amsterdam ook de dood van het Romeinse keizerschap herdenken.


Dit e-mailadres wordt beveiligd tegen spambots. JavaScript dient ingeschakeld te zijn om het te bekijken.

 

plaatje column anton

 

afbeelding schematische weergave van relatie tot het Romeinse keizerschap van latere keizers, door Anton van Hooff.

Aanmelden nieuwsbrief