De vergeten Prins van Oranje

Vergeten Prins

 

Het zijn heel bekende namen uit de Oranjefamilie: Willem van Oranje en zijn zoons Maurits en Frederik Hendrik. In dit illustere rijtje ontbreekt één prins: Filips Willem, de oudste zoon van Willem van Oranje.  Hij past niet zo goed in het verhaal over de Oranjeprinsen als strijders voor de vaderlandse onafhankelijkheid. Jasper van der Steen legt uit waarom en neemt ons mee naar Spanje, waar de Oranjeprins in opdracht van de Spaanse koning Filips II bijna dertig jaar gegijzeld.   

 

Filips Willem werd op 19 december 1554 geboren als de oudste zoon van Willem van Oranje en zijn eerste vrouw, de rijke erfdochter Anna van Buren. Hij werd mede genoemd naar zijn peetoom Filips II van Spanje en droeg een lagere titel van zijn vader, namelijk ‘graaf van Buren’. De komst van een erfgenaam was aanleiding tot grote blijdschap. Na de doop van zijn zoontje beschreef een trotse prins Willem vanuit Breda in een brief aan zijn vader de verwanten die erbij aanwezig waren en meldde dat het gezelschap ‘heel vrolijk’ was. Hij voegde eraan toe dat hij ‘niets anders [had] gewenst dan dat uwe edele ook daarbij geweest was’. Filips Willem leek in de toekomst, als zijn vader zou zijn overleden, de machtigste edelman van de Habsburgse Nederlanden te worden. Maar het liep anders. De Nederlandse Opstand tegen Filips II van Spanje brak uit, met rampzalige gevolgen voor Filips Willem.

 

‘Wij geven niet om uw privileges’

Terwijl Willem van Oranje aan het begin van de Opstand in 1568 vluchtte naar het voorouderlijk slot in Dillenburg, liet hij zijn dertien jaar oude zoon Filips Willem achter als  student aan de universiteit van Leuven. Filips II gaf de hertog van Alva de opdracht om de jonge graaf van Buren te ontvoeren naar Spanje. Zo zou hij als goede katholiek opgevoed kunnen worden en als waardevolle gijzelaar dienen in de strijd van de Spaanse koning tegen de Nederlandse rebellen. De universiteit van Leuven protesteerde tegen deze schending van haar privileges, die onder andere voorschreven dat studenten alleen op last van de rector aangehouden konden worden. Ook Willem van Oranje hekelde de gijzeling in zijn bekende Apologie van 1581. Hij schreef misprijzend dat Juan de Vargas, lid van de Raad van Beroerten, ten tijde van de kidnapping gereageerd zou hebben met de uitspraak non curamus vestros privilegios. Ofwel: wij geven niet om uw privileges. En dat ook nog in slecht Latijn.

 

Verboden correspondentie 

De protesten mochten niet baten en Filips Willem arriveerde in het voorjaar van 1568 in Spanje. Aanvankelijk bewonderde de jonge graaf het koninklijk hof en hij vervolgde zijn opleiding, aan de universiteit van Alcalá de Henares. Hier maakte Filips Willem een goede indruk. Volgens de hoogleraar Ambrosio de Morales was hij in tegenstelling tot veel andere edelen aan de universiteit ‘geen ijdele, maar een serieuze, bescheiden en eerlijke jongeling’.  Er was weinig aantoonbaar contact met zijn vader, maar er waren wel geheime briefwisselingen. In een brief van 26 juli 1577 schreef Filips Willem over een grote brand in het Escorial. Hij merkte schamper op dat de relieken in de basiliek geen mirakel hadden gedaan. De graaf van Buren was vroom katholiek, dus dit was geen kritiek op de roomse kerk, maar moet eerder worden uitgelegd als ontevredenheid met zijn verblijf in Spanje. Contacten tussen Filips Willem en zijn familie verontrustten de Spaanse koning. Hij was bang dat Nassau-familieleden hun verwant zouden proberen te bevrijden en besloot daarom om hem op te sluiten op het kasteel van Arévalo.

 

Vochtig, eenzaam en oneindig saai

De gijzeling en latere opsluiting waren tragisch voor Filips Willem. Niet alleen omdat Arévalo geen luxegevangenis was - het was er vochtig, eenzaam en oneindig saai - maar ook in dynastiek opzicht. Na de dood van zijn vader in 1584 was hij weliswaar de wettelijke Prins van Oranje, maar hij zou nog twaalf jaar in die hoedanigheid in gevangenschap doorbrengen. Mede vanwege zijn katholieke geloof zagen autoriteiten in de Republiek hem niet als een acceptabele kandidaat voor een publieke functie en zij ijverden niet voor zijn vrijlating. 

 

'geboren Prins van Oranje' 

Ondertussen begon de halfbroer van Filips Willem, Maurits, rond 1590 met de succesvolle herovering van Nederlandse gebieden die onder het gezag van koning Filips II stonden. Graaf Maurits kreeg van de Staten van Holland de dubieuze titel ‘geboren Prins van Oranje’, was net als het gros van de Nederlandse elites gereformeerd en ontwikkelde zich als een groot militair strateeg. Het jongere broertje haalde dus zijn machteloze dynastieke superieur in en werd gezien als de ware opvolger van Willem van Oranje. Ondanks zijn lange Spaanse gevangenschap is Filips Willem zijn vermoorde vader nooit afgevallen. Een voorbeeld: tijdens de detentie van de prins in Arévalo zou de kapitein van het kasteel zich neerbuigend hebben uitgelaten over Willem van Oranje. Boos over dit gebrek aan respect voor zijn vader greep Filips Willem de kapitein bij zijn middel en gooide hem uit het raam, wat de arme man niet overleefde.

 

Hoe ontkwam Filips Willem uit Arévalo? En hoe werd hij vervolgens in de Nederlanden ontvangen? Lees het in ons nieuwe nummer, vanaf 19 januari in de winkel!  

 

 

Aanmelden nieuwsbrief