Madame de Staël - De vrouw die opstond tegen Napoleon

DezeMaandStael1

 

 

Naast de ratio spelen ook emoties een belangrijke rol in de politiek. De Brexit, de verkiezing van Donald Trump en de al jaren forse aanhang van Geert Wilders en Marine Le Pen maken iets duidelijk: mensen kiezen vaak uit pure onvrede en grote woede. Ze willen een protest laten horen, hoewel ze eigenlijk best weten dat de politicus op wie ze stemmen het paradijs op aarde niet zal vestigen. Deze emoties kunnen in de politiek voor een enorme dynamiek zorgen, en een land in een richting sturen die vrijwel niemand had voorzien. Het klinkt misschien seksistisch, maar wellicht is het niet helemaal toevallig dat het inzicht dat politiek niet alleen een zaak van het verstand, maar in hoge mate ook van de emoties is, voor het eerst werd geformuleerd door een vrouw: Madame de Staël.

 

‘Het meest ontwikkelde, geestrijke vrouwelijke wezen’

Van Anne-Louise-Germaine Necker, barones van Staël-Holstein (1766-1817) kon je veel zeggen, maar niet dat zij iemand was die anderen onverschillig liet. Napoleon noemde haar een snol, ‘nog foeilelijk op de koop toe’. Ook Heinrich Heine was niet onder de indruk van haar schoonheid. Hij sneerde dat wanneer Helena van Sparta op haar had geleken, de Trojaanse Oorlog nooit was uitgebroken en Homerus niet het fundament van de wereldliteratuur had gelegd. Daartegenover stonden dan weer bewonderaars als de Russische tsaar Alexander I, Goethe en Schiller. De laatste noemde haar niet alleen ‘de meest beweeglijke, strijdvaardige en spraakzame’ persoon die hij kende, maar ook ‘het meest ontwikkelde en geestrijke vrouwelijke wezen’. Haar reputatie en invloed waren enorm, en na Napoleons nederlaag bij Waterloo schreef een tijdgenoot dat er ‘in Europa drie grootmachten (zijn): Engeland, Rusland en Madame de Staël’.

 

Niet op haar mondje gevallen

Een vrouw die rond 1800 een dergelijke bekendheid en faam wist te verwerven, moest wel over uitzonderlijke eigenschappen beschikken. Germaine de Staël was inderdaad bijzonder intelligent en ambitieus, schreef uitstekend en was niet op haar mondje gevallen. Wat ook hielp, was dat ze uit een milieu kwam dat niet bepaald ‘kansarm’ genoemd kon worden. Haar moeder, Suzanne Curchod, hield een salon waar intellectuele sterren als Voltaire, Diderot, Gibbon en Hume frequente bezoekers waren. Haar vader was Jacques Necker, een Zwitserse protestant die als minister van Financiën onder Lodewijk XVI ingrijpende hervormingen bepleitte. Na het uitbreken van de Revolutie trachtte hij van Frankrijk een constitutionele monarchie te maken.

 

Plunderen en moorden 

In 1786 trouwde Germaine met de Zweedse diplomaat baron Staël von Holstein. In 1788 publiceerde ze een boek over het ‘werk en karakter’ van Jean-Jacques Rousseau. Nadat het jaar erop de Franse Revolutie was uitgebroken, speelde ze een belangrijke rol in het publieke debat en deed ze verslag van de tumultueuze en bloedige ontwikkelingen. Vanaf de publieke tribune zag ze hoe de gematigde en verstandige ideeën van haar vader werden overstemd door het getier van allerlei radicalen. In de straten van Parijs was zij er getuige van hoe het door fanatici als Marat, Danton en Robespierre opgehitste gepeupel plunderde en moordde. 

 

Lees in ons zomernummer meer over deze bijzondere vrouw, en hoe ze opstond tegen Napoleon en andere grootmachten! 

 

*  Uw e-mailadres

*
  Voer de code in: